Beslag gelegd op bezittingen Lavrentiadis

Lavrentis Lavrentiadis

Lavrentis Lavrentiadis

Medio december 2012 werd er beslag gelegd op bezittingen van Lavrentis Lavrentiadis, voormalig houder van een meerderheidsbelang in de Griekse Proton Bank. Met 29 medewerkers werd hij in maart 2012 aangeklaagd voor fraude, verduistering en witwassen. Het beslag was geëist door aandeelhouders, die zware verliezen hebben geleden door de meer dan 700 miljoen euro aan slechte leningen die Lavrentiadis zou hebben verstrekt aan bedrijven die alleen op papier bestonden. Zijn naam staat ook op de onlangs weer opgedoken Lagarde-lijst. Hierop staan meer dan 2.000 Grieken met rekeningen bij HSBC in Genève.

Lavrentiadis (1972) nam in 1990 het roer over van het chemische familiebedrijfje Neochimiki. Hij breidde dit gestaag uit, om in het in 2003 naar de beurs te brengen. Daarna bouwde hij zijn imperium uit met belangen in farmaceutische bedrijven en banken en kocht hij een voetbalteam en een kunstverzameling. In 2008 betaalde de Carlyle Group bijna 1 miljard dollar voor een belang in Neochimiki.

logo Proton BankEind 2009 verkreeg Lavrentiadis een meerderheidsbelang in Proton Bank. Een bank die snel gegroeid was sinds ze in 2005 de kleinere Omega Bank overnam. Deze groei zou te maken hebben met invloedrijke personen in de raad van bestuur, zoals de schoonvader van de voorman van de Socialistische Partij en een broer van een voormalig premier. Lavrentiadis begon al snel de bank leeg te halen om verliezen elders te compenseren.

Lavrentiadis ontkent alle beschuldigingen. Hij heeft eind 2011 keurig 65 miljoen terugbetaald onder een toen – in alle stilte – net aangenomen wet, zodat hij strafvervolging kon voorkomen. In het onderzoek dat leidde tot de aanklacht in maart wordt die 65 miljoen slechts gezien als onderdeel van het veel hogere totaal aan dubieuze leningen dat werd verstrekt.

Op zijn rekening bij HSBC staat volgens hem nog geen 100.000 euro en op de Lagarde-lijst staan veel grotere kopstukken dan hijzelf. Hij ziet zich zelf meer als zondebok. Het zijn immers slechts enkele tientallen families die in Griekenland belangrijke economische sectoren controleren, zoals die van de banken, scheepvaart en de bouw. Bovendien weten zij de politieke elite aan hun kant, bijvoorbeeld als het op wetgeving aankomt. Zoals veel Griekse burgers en geleerden aangeven is deze oligarchie een hoofdoorzaak van de crisis in Griekenland.

bron: The New York Times (Liz Alderman, Rachel Donadio), Ekathimerini, Greek Reporter (Andy Dabilis)

Reacties zijn gesloten.