Boekhouder bleek witteboordencrimineel

Medio januari 2025 berichtte RTLZ over een onlangs openbaar geworden vonnis van de rechtbank Noord-Holland inzake een eis van jachtbouwer Hakvoort tot terugbetaling van bijna 2 miljoen euro door een aannemer. Voor verbouwingswerkzaamheden was dat bedrag betaald door de boekhouder van de scheepswerf in Monnickendam. Niet lang na zijn vertrek eind 2022 – na ruim 40 jaar bij Hakvoort gewerkt te hebben – kwam zijn opvolger een verduistering van bijna 1,9 miljoen euro op het spoor.

Monnickendam - boekhouder bleek witteboordencrimineel
Monnickendam – Brugstraat – ‘De Palingroker’ (2009)
Jachtwerf Hakvoort op achtergrond

De afgelopen zes jaar waren tientallen betalingen verricht aan een eenmansbedrijf dat een aardige boterham verdiende aan het verbouwen van de kapitale woonboerderij van de boekhouder en van de woningen op zijn terrein van zijn zoon en dochter en diens man.

Jachtwerf draaide op voor privéverbouwingen

De rekeningen van zijn privéverbouwingen liet hij op naam van de jachtbouwer zetten, maar niet naar de werf opsturen. De aannemer was te kennen gegeven de facturen af te geven aan dochterlief of haar man. Hun (schoon)vader zou binnenkort met pensioen gaan en zo betaalde diens werkgever hem voor de aflossing van de aangegane lening voor de overname van zijn aandelen in het bedrijf.

De boekhouder boekte de facturen in de administratie weg op lopende projecten. “Tussen de vele facturen viel het niet op als er een bij zat die er niet thuishoorde”, verklaarde de witteboordencrimineel tijdens de rechtszaak. Hij had verzocht de omschrijving op de factuur uiterst vaag te houden en lakte een afleveradres zo nodig weg. Vanaf 2018 dienden ook de dochter en schoonzoon facturen in bij de aannemer voor ruim 4 ton.

Boekhouder tekende schuldbekentenis

Na ontdekking van de fraude erkende de boekhouder dat hij zijn positie had misbruikt en tekende een schuldbekentenis jegens de werkgever. De scheepswerf ontving inmiddels 1,3 miljoen euro uit de verkoop van de woning en roerende zaken.

Ook het bouwbedrijfje werd voor de rechter gedaagd voor de volledige 1,9 miljoen euro, die het ten onrechte ontving, verhoogd met de kosten van het onderzoek naar de fraude, 125.000 euro. Dat zag de aannemer toch anders. Hij had te goeder trouw gehandeld en dacht erop te mogen rekenen dat de betalingen goed werden gecontroleerd en een probleem met de facturen anders wel aan het licht zou komen bij de btw-aangifte of bij de controle van de jaarrekening. En het werkte zes jaar lang zo.

Ook aannemer moest bloeden

Hoewel de rechtbank oordeelde dat de aannemer onvoldoende onderzoek had gedaan naar de bevoegdheid van de boekhouder en meer argwanend had moeten zijn bij de vraag om ongespecificeerde facturen en de betrokkenheid van familieleden, hoefde het bouwbedrijf niet 1,9 miljoen euro, maar 6 ton terug te betalen. Dat de aannemer daardoor uiteindelijk onbetaald blijft voor een deel van de verbouwingswerkzaamheden die hij wel degelijk heeft uitgevoerd voor de boekhouder, komt voor zijn eigen risico.

Betaling van de kosten voor het fraudeonderzoek vond de rechtbank te ver gaan. Wel werd hij veroordeeld tot betaling van de beslag- en proceskosten van de scheepswerf.

De nieuwe boekhouder heeft z’n geld al opgebracht. De ellende voor de aannemer en zijn gezin is niet te overzien.

bron: RTLZ (Mathijs Smit),  Accountancy Vanmorgen, de Rechtspraak –  ECLI:NL:RBNHO:2025:8

afbeelding Monnickendam: Txllxt TxllxT, 2009, CC-BY-SA-4.0, Wikimedia Commons


Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *