
Hoewel ze pas over een jaar of tien worden vervangen, wilde Israël graag voor de verkiezingen in september 2017 met de zittende regering de intentie vastleggen om drie Duitse duikboten te bestellen. Nu bleek dat er mogelijk sprake is van omkoping, is de ondertekening van een memorandum of understanding voorlopig van de baan. In beide landen had de Nationale Veiligheidsraad al ingestemd met de overeenkomst en ook een gedeeltelijke financiering door Duitsland was al rond.
Eind november 2016 gelaste procureur-generaal Avichai Mendelblit een onderzoek, nadat in de Duitse en Israëlische pers aanhoudend berichten verschenen over omkoping door scheepsbouwer ThyssenKrupp Marine Systems, die voor ruim 4% in handen is van de Iran Foreign Investment Company. Volgens de krant Handelsblatt zou Miki Ganor, de vertegenwoordiger van de werf in Israël, tussen de 10 en 30 miljoen euro voor de deal hebben gekregen om beslissers te paaien. Tevens zou hij zich hebben laten vertegenwoordigen door David Shimron, advocaat, adviseur en neef van de premier Benjamin Netanyahu, om beslissers te overtuigen. In Israël kreeg dit schandaal de naam Zaak 3000.

In april 2017 werd op initiatief van Duitsland een ontbindende voorwaarde opgenomen in de tekst van de overeenkomst: mocht het politieonderzoek uitwijzen dat er inderdaad sprake is geweest van fraude, dan is de bestelling van 1,5 miljard euro van de baan. Daarnaast betrof het onderzoek de bestelling van vier patrouillevaartuigen, bestemd voor de beveiliging van Israëls gasplatforms.
Ook aan Zaak 1000 en Zaak 2000 was de naam van Benjamin Netanyahu verbonden. De eerste betrof een onderzoek naar omvangrijke giften van vermogende zakenlieden aan Netanyahu en zijn ega. De ander betrof een onderzoek naar mogelijke hulp aan de grootste krant van Israël, Yedioth Ahronoth, in ruil voor een wat positievere berichtgeving over de premier.
bron: Haaretz (Gili Cohen, Barak Ravid), Reuters, the Guardian (Peter Beaumont)