Bridgestone betaalt 425 miljoen dollar voor prijsafspraken

Bridgestone trillingsdempers

Bridgestone trillingsdempers

De internationale strijd tegen fraude in de markt voor auto-onderdelen kende medio februari 2014 een volgend slachtoffer. Aan de sinds 2010 groeiende lijst betrokken bedrijven werd Bridgestone toegevoegd in verband met verboden prijsafspraken voor rubberen trillingsdempende onderdelen. Het Japanse bedrijf trof een schikking van 425 miljoen dollar met het Amerikaanse department of Justice. Het is één van de grootste boetes die tot nu toe werden opgelegd aan meer dan 25 bedrijven voor een totaal van ruim 2 miljard dollar.

Tussen 2001 en 2008 zou Bridgestone met concurrenten afspraken hebben gemaakt over de prijzen van de onderdelen en over de verdeling van de markt. In 2011 bekende het bedrijf al schuld in een soortgelijke zaak over olieslangen voor maritieme toepassingen en zegde haar volledige medewerking toe, maar maakte geen gewag van de marktmanipulatie in de markt voor auto-onderdelen. Bridgestone gaf na de schikking aan dat enkele directeuren en bestuursleden hun bonus in maart kunnen vergeten.

In Canada kreeg Panasonic een boete van ruim 4 miljoen dollar voor overtreding van de Competition Act. Volgens het Competition Bureau maakte Panasonic met andere Japanse fabrikanten prijsafspraken voor schakelaars en sensoren, die werden afgenomen door Toyota in Canada.

Vorig jaar kreeg het Japanse Furukawa een boete van 5 miljoen dollar opgelegd door het Ontario Superior Court, de hoogste ooit in Canada voor het maken van verboden prijsafspraken. Ook hier ging het om afspraken met andere Japanse fabrikanten voor onderdelen, die werden gebruikt door Honda. Het zou gaan om een bedrag van zo’n 41 miljoen dollar over 10 jaar aan ‘lucht’ in offertes vanaf het jaar 2000 voor onderdelen die met name werden toegepast in de Honda Civic, de best verkochte auto in Canada gedurende 15 jaar.

Furukawa werd in 2011 in Amerika beboet voor 200 miljoen dollar voor het maken van prijsafspraken voor kabelbomen. Een jaar later troffen de bedrijven Yazaki en Denso een schikking voor 548 miljoen dollar. Het betrof hier opnieuw prijsafspraken voor kabelbomen en voor bedieningspanelen. In juni 2012 was Autoliv de klos voor een bedrag van 14,5 miljoen dollar. Nu betrof het veiligheidsproducten als veiligheidsgordels en airbags. Medio 2013 kreeg Panasonic een boete van bijna 46 miljoen dollar voor prijsafspraken over schakelaars voor richtingaanwijzers en ruitenwissers en over stuurhoeksensoren.

Zonder deze ingrepen lijkt de vrije markt er niet in te slagen om autorijden voor de consument betaalbaar te houden.

bron: The Wall Street Journal (Andrew Grossman), Reuters, Automotive News

Reacties zijn gesloten.