Fabrikanten schuimrubber vormden kartel

De Europese Commissie heeft eind januari 2014 een schikking getroffen met de vier grootste schuimrubberfabrikanten in Europa en hen boetes opgelegd voor een bedrag van ruim 114 miljoen euro vanwege kartelafspraken. Van eind 2005 tot en met medio 2010 maakten ze onderling prijsafspraken in 10 lidstaten van de EU in de markt voor polyurethaan, dat verwerkt wordt in matrassen, zitmeubelen en autostoelen. Typische consumentenprodukten, waardoor veel burgers geraakt worden door dit soort marktmanipulatie, volgens de verantwoordelijke vice president voor Competitie van de EC, Joaquín Almunia.

RECTICEL LOGOHet Belgische Recticel werd zowel beboet voor zijn rechtstreekse deelname aan het kartel als voor de betrokkenheid van Eurofoam, een joint venture tussen Recticel en het Oostenrijkse Greiner. Hun gezamenlijke boete bedroeg 39 miljoen euro. Door hun volledige medewerking aan het onderzoek viel de boete ruim 50% lager uit.

Het Amerikaanse Carpenter – onder meer eigenaar van het Belgische Dumo – werd met een boete van 75 miljoen euro het zwaarst gestraft. Het Britse Vita was ook betrokken bij het kartel, maar ontsnapte aan een boete van meer dan 60 miljoen euro. Het meldde als eerste het bestaan van het kartel aan de autoriteiten.

In 2010 vielen inspecteurs van de Europese Commissie binnen in de kantoren van Recticel in België, het Verenigd Koninkrijk en Oostenrijk op verdenking van betrokkenheid bij kartelafspraken. De vier fabrikanten bleken op elk managementnivo (Europees) overleg te voeren over de prijzen, om zo agressieve prijsconcurrentie te voorkomen en prijsverhogingen van grondstoffen door te kunnen berekenen aan hun afnemers.

bron: De Tijd (Jan De Schamphelaere, Kim Evenepoel), Europese Commissie

Reacties zijn gesloten.