Boete milieuramp BP gelukkig grotendeels fiscaal aftrekbaar

Boete milieuramp BP – BP trof in oktober 2015 een schikking met de Amerikaanse autoriteiten voor een recordbedrag van ruim 20 miljard dollar wegens de milieuramp in 2010 voor de zuidkust van de VS. Begin april 2016 stelde rechter Carl Barbier in New Orleans deze schikking definitief vast. De ramp was het gevolg van een explosie op het boorplatform Deepwater Horizon op het Macondo-veld. Daarbij stroomde naar schatting 780 miljoen liter olie in de Golf van Mexico. Het duurde twee maanden, voordat BP het lek gedicht kreeg. Autoriteiten in Florida, Alabama, Mississippi en Louisiana riepen destijds de noodtoestand uit. Vijf jaar later bereikten ze overeenstemming met het olieconcern over de te vergoeden schade en kreeg BP een boete van 5,5 miljard dollar voor het schenden van de Clean Water Act.

Deepwater Horizon, 2010 Boete milieuramp BP

Deepwater Horizon, 2010

Newsweek schreef over de mogelijkheid dat BP de boete grotendeels fiscaal als bedrijfskosten zou kunnen opvoeren, te beschouwen als een tegemoetkoming van 35%, het tarief van de vennootschapsbelasting in de VS. Normaal sluizen dergelijke bedrijven hun winsten naar een fiscaal aangenamer klimaat, maar bij dit soort boetes is het handiger om een paar miljard winst in Amerika te laten. Boetes voor wetsovertredingen, zoals die voor doodslag van de 11 overleden medewerkers bij de ramp, zijn niet aftrekbaar, maar gehonoreerde (schade)claims en herstelbetalingen wel. 

Normaal gesproken komen belastingafspraken rond schikkingen nooit in de openbaarheid, omdat ze vertrouwelijk zijn. Daarom diende onder meer senator Elizabeth Warren een wetsvoorstel in om openheid van zaken te geven bij schikkingen van meer dan 1 miljoen dollar. Een schikking van 13 miljard dollar die JPMorgan Chase trof, leidde tot een aftrekpost van zo’n 7 miljard. Van een boete van ruim 15,5 miljard dollar kon Bank of America zo’n 4 miljard fiscaal als kosten in mindering brengen op de winst. Prettig als je je boete deels kunt afwentelen op de belastingbetaler.

Nu de schikking met BP definitief is en het bedrijf de komende 16 jaar daadwerkelijk tot betaling aan gedupeerden en autoriteiten moet overgaan, bestaat ook bij deze zaak de vrees dat de oliegigant het grootste deel van het bedrag voor de belastingdienst als bedrijfskosten mag bestempelen. Dat zou in ieder geval niet gelden voor de 5,5 miljard dollar voor de overtreding van de Clean Water Act, die minister van Justitie Loretta Lynch duidelijk als penalty omschreef.

bron: Huffpost (Nick Visser), NRC (Laura Klompenhouwer), Pacific Standard (Jared Keller), Newsweek (Zoë Schlanger), the Guardian (Dominic Rushe), Wikipedia


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *